|
|
 In een land hier heel ver vandaan woont een heel apart diertje. Dat diertje heeft een vacht van paarse wol. En die wol is zo dik dat de armpjes en beentjes van het diertje niet te zien zijn. De oogjes van het diertje zijn groot en vallen heel erg op. En zijn mond kun je alleen zien als het eet. Zijn voeten zijn groot en met grote tenen die wijd uit elkaar staan. Daarmee kan hij heel hoog en ver springen. Zijn armpjes zijn kort en heel stevig met kleine vingertjes.
De beestjes leven in paars gras die alleen in dat verre land te vinden is. En daar zie je ze zoeken naar kevertjes en miertjes en wormpjes die ze dan opeten. En al springend en zoekend huppelen de beestjes heen en weer op zoek naar hun eten. En af en toe zie je dan hun grote mond open gaan om een diertje op te eten.
Vlak bij het paarse grasveldje stond een tentje. Daarin zaten een papa en 2 jongetjes. Heel zachtjes hadden ze de rits van de tent opengemaakt en nu keken ze met zijn drietjes door de tentopening naar de diertjes.
“zien jullie ze?” ,zei de vader. De jongens knikten. “Dat zijn Springerige Toepeloeressen. De meest paarse en wollige diertjes die er bestaan. Ze komen alleen maar hier voor. Ze heten zo omdat ze enorme sprongen kunnen maken, bijvoorbeeld achter hun eten aan. Ze zijn dan ook heel snel en behendig.”
“we moeten heel stil zijn, want anders horen ze ons”, zei de vader.
“Zijn ze dan gevaarlijk?”, vroeg het oudste jongetje.
“Nee hoor, maar als ze ons zien komen ze naar ons toe en gaan ze ons zo hard kietelen en priegelen en friemelen dat je in je broek moet doen van het lachen.”
“Oh jee”, zeiden de jongetjes en bleven stil kijken. Kietelen was niet zo erg, maar in hun broek plassen deden ze liever niet meer. Er was ook heel veel te zien.
De Toepeloeressen bleven rondspringen en huppelen en eten in het paarse veld en de jongetjes en de vader bleven kijken. Een van de Toepeloeressen sprong nog hoger dan de anderen en draaide in het rond en keek met zijn ogen alle kanten op. De papa vertelde zachtjes dat het een uitkijk-Toepeloeres was, die oplette of er geen gevaar was. Opeens bleef de uitkijk-Toepeloeres naar hun kijken terwijl hij iets langzamer op en neer sprong. Hij keek hun nu recht aan!
Oh jee, zei de pappa.
“Snel”, zeiden de jongetjes, “de tent in, dan zien ze ons niet.”
“Nee”, zei pappa, “dan gaat de tent stuk! Snel alle kleren uit en de tent uit.”
“Waarom de kleren uit?” vroegen de jongetjes verbaasd.
“Tja anders plassen we die vol, hup alles uit!”.
En daar stonden ze dan in hun nakie buiten de tent. Er stoven wel honderd Toepeloeressen naar ze toe en binnen mum van tijd werden ze aan alle kanten en van boven tot onder en tot in hun navel gekieteld, gepriegeld en gefriemeld. Toepeloeressen kunnen dat als de beste. En al snel konden de jongens en de papa van het lachen niet meer ademhalen of proesten ze het uit. En toen de Toepeloeressen klaar waren hadden ze alle drie van het lachen geplast. Gelukkig waren ze naakt dus werden er geen broeken vies gemaakt.
“Hallo”, zeiden de Toepeloeressen in heel keurige mensentaal: “wat leuk om jullie te zien! Willen jullie spelen? Kom mee!”
“Nou”, zei de vader, “eerst even schoonmaken in de rivier”.
En daarna gingen de Toepeloeressen, de kinderen en de vader heel lang spelen. En Toepeloeressen kunnen heel goed spelen, buitelen en torentjes van wel 10 Toepeloeressen maken. En als ze dan omvielen juichten ze om het hardste. Ze konden geweldige salto’s en sprongen maken en de kinderen en de vader hadden lol voor tien.
Toen het avond werd, vertelden de Toepeloeressen dat ze toch best wel moe waren geworden en dat ze gingen slapen. En dat gaat bij Toepeloeressen heel bijzonder. De pappa-Toepeloeressen maken een huisje in het paarse gras door op elkaar te gaan staan, compleet met een Toepeloeresdeur en een Toepeloeresraam en Toepeloeresdak. De mama-Toepeloeressen gaan dan naar binnen met de kinderen en daar liggen Toepeloeresbedjes op ze te wachten. En je moet weten dat Toepeloeressen wereldkampioen in slaap vallen zijn. De kindjes gaan voor hun Toepeloeresbedjes staan zeggen hun mama welterusten met een kus. Dan maken ze een hele grote sprong in de lucht met een saltootje en dan vallen ze op het bedje en slapen ze al. Geen enkel ander dier kan dat zo snel, als deze Toepeloereskindjes.
De papa’s en mama’s roepen daarna met zijn allen heel hard “Welterusten”. En na een seconde slaapt het hele Toepeloereshuisje met de mama’s erin en hoor je alleen een heel zacht gezucht van de Toepeloeressen.
De jongetjes en de papa hadden geboeid gekeken naar het slapen gaan van de Toepeloeressen. Daarna moesten ze heel erg gapen. Ze gingen ook lekker slapen in hun slaapzakje op hun matrasje in hun tent.
“Morgen” zie het kleinste jongetje, “gaan we weer spelen met de Toepeloeressen hè papa”
Ja hoor zei de papa”, zuchtend, “daarna doen we wel de kleren aan”.
En toen zeiden ze ‘Welterusten’ tegen elkaar en gingen ze ook lekker slapen.
 Eerst de km stand. Die is 138016 km waarvan 967 km door mij verreden. Maar toch bijzonder, want het is de de tweede Quest die deze afstand haalt. Daar mag Quali trots op zijn. Mijn bijdrage is nog marginaal. Ter indicatie: als ik over een paar jaar 10.000 km heb afgelegd, dan is dat nog geen 7% van de totale afstand.
De tweede reden is dat de afstand marginaal is: ik heb dus bijna 1000 km gereden in 5 maanden. Dat is dezelfde afstand als mijn voorgangers in minder dan een maand verreden. Geen reden tot trots. Of toch wel? Het hoeft natuurlijk niet, dat vergelijken. En het lijkt erop dat ik meer rijd dan met Kali, niet onbelangrijk verschil. Maar vooral kun je nog diverse excuses waarnemen in mijn blogposts. Eentje is daar niet van genoemd. 2 weken ziekte, daarna van Olga en de kinderen, wat me noodzaakte snel thuis te zijn, dus niet gefietst. Daarbij ongeveer een paar maanden niet gefietst door knieleed en vakanties. Dus dan zou ik theoretisch. In die 5 maanden effectief 2,5 maanden hebben kunnen fietsen. We zullen zien hoe snel de komende maanden de kilometers aaneen geregen worden. Afgelopen week heb ik 110 km gefietst met Quali en onze auto is stuk, dus dat zal de komende weken steeds ongeveer 100 km zijn (4 keer woon-werk). En misschien wat plezier tochtjes met Stephan op zijn LARA.
Klusjes
Quali heeft bijna geen kwalen. Blijkbaar zijn die er in de afgelopen jaren uitgehaald. Er zal vast wat aankomen, maar voorlopig hoef ik nog geen uitgebreid te doen lijstje te maken, zoals bij Quali.
Klusje 1 is het maken van een gereedschapstasje uit een oude laptoptas, geïnspireerd door http://quest.robbroek.nl/. Simpel knippen en plakken (de laptoptas). Ik vind het nog wat groot en zoek nog iets wat ik kan toevoegen in het tasje. Of ik koop uiteindelijk toch maar zo’n gereedschapsbidon of een tasje. Rob heeft het tasje vastgeplakt. Dat lijkt mij onhandig. Ik wil mijn gereedschap eruit kunnen halen en naast me neer kunnen leggen. Dus gewoon achterin geschoven (aan de linkerkant, bij de pomp en het cockpit schuimpje)
Klusje 2 is het aanpassen van de zitting. Allereerst de bevestiging aangedraaid. Die moet ooit gelocktited worden. nu even niet. Daarna met een mesje het opvul matje van Bastiaan aan de linkerkant weggehaald. Dit zou ervoor moeten zorgen dat de rechterkant hoger is (duh). Dat zou mijn rug en knieën prettig moeten vinden (Osteopaat heeft me dat overtuigend uitgelegd). Proefjes met een schuimstukje onder de rechter bil waren positief, dus we zullen de komende weken meemaken hoe deze verandering bijdraagt aan mijn knieën. (foto moet ik nog maken en misschien komt die nog).
Klusje 3 is het verzamelen van de binnenbanden. Alle binnenbanden met autoventiel heb ik wel, maar waar. Nu liggen ze op een logische plek. In Quali, in het gereedschapstasje. Eentje voor een voorband, dus een Schwalbe AV6 en eentje voor de achterband (AV7, in ieder geval die maat, het is merkloos. Mijn voorraad is trouwens bijgevuld met 2 binnenbanden (maat AV7, merkloos) die ik mocht slopen van de bakfiets van de buren, welke werd weggegooid. En als de Perfect Moiree achterband net zolang mee gaat als de BigApples van Kali, dan heb ik voor de komende jaren genoeg achter biba’s.
Nog te doen (waarbij het moment nog niet gepland is)
- Ketting schoonmaken. De voorbladen zijn gitzwart, zelfs de rechter crank aan de buitenkant. Even smeren helpt niet meer. Daar moet afwasmiddel aan te pas komen op een mooi warm zomers dagje.
- Ketting inkorten. Tov Bastiaan heb ik de crank dichterbij moeten zetten. Nu schakelt de fiets niet meer bij standje 7,8 of 9 op het middenblad voor. Kan gelijk met het schoonmaken gebeuren.
- Remlicht weer werkend maken. Deze heeft lang aan gestaan en daarna is hij overleden. Hopelijk toch iets simpels maar ik vrees iets doorgebrands oid.
- Ventisit namaak kussen inkorten. Steekt aan de onderkant 20 cm uit. Toont niet mooi en is onnodig. Daarbij iets bedenken zodat ik hem vast kan zetten. Extra klittenband bevestigen is de logische optie. Kan ik bij klusjes de zitting als matje gebruiken.
- Zorgen voor betere striping met reflectie (schuren en overschilderen doen we veel later).
 Dit artikel wordt steeds uitgebreid met mijn laatste ervaringen van deze pedalen, totdat het niet meer interessant is om te melden of tot ik andere pedalen gebruik.
Inleiding: De keuze
Omdat SPD niet veel zijdelingse speling heeft en andere pedalen wel, ben ik op zoek gegaan naar een pedaal die mij verlichting geeft. Al geloof ik niet dat mijn knieleed geheel verholpen kan worden met pedalen, is het waard het te proberen.
De eerste die ik ga proberen, waarvan ik vanzelfsprekend hoop dat het ook de laatste is, zijn Look Quartz. Tweedehands gekocht, maar wel met 2 paar schoenplaatjes van verschillende types en verschillende spacertjes om de hoogte van de schoenplaat op de schoen te kunnen variëren. De type schoenplaatjes variëren in de hoek waarin ze uitklikken. Ik heb gekozen om de uitklikhoek zo groot mogelijk te maken. Daarbij zijn deze schoenplaatjes ook kleiner, waardoor ik hoop iets meer zijdelingse beweging te hebben. Dat laatste is waarschijnlijk vooral psychisch. Maar alles telt mee.
Look schoenplaten met spacers
De eerste keer bevestigen van de schoenplaatjes heb ik geen spacer gebruikt. Aangezien de handleiding verteld dat bij een schoenprofielhoogte minder dan 7,5 mm dat niet nodig was. Maar als ik nu inklik dan zitten de schoenen weliswaar goed vast (en gaan ook makkelijk los), maar ze kunnen geen kant opschuiven omdat de zool tegen de pedaal wordt aangedrukt. Sprake van de 3 graden draaiing of 3mm zijdelings speling is er dan natuurlijk niet.
Dus nu heb ik er een 1 mm spacer tussen de schoenplaat en de schoen geplaatst. In de hoop dat dit wat vrijheid van de schoen tov de pedaal geeft. Kijken hoe dat fietst.
Update 1:
Vanmiddag dus even gefietst. Dit is een groot verschil zeg. Ik kan me goed voorstellen dat mensen het gefixeerde van geen spacer prettig vinden, maar ik ben met spacer veel blijer. De voet kan zeer ver naar buiten draaien. Ik denk dat het tegen het uitklikmoment zit dat je beweging hebt. Dat is verder dan de beloofde 3 graden. Dat komt denk ik omdat het Look Quartz systeem voor je gevoel geen hobbel heeft tussen in en uitklikken. Dat gaat heel geleidelijk. De zijdelingse beweging kan ik niet voelen, of dat invloed op het rijden heeft is dus onduidelijk. Misschien is het er wel maar is de voet al direct iets naar buiten ingeklikt of schuift langzaam naar de gewenste plek.
En nu het knieleed. Er is slechts 10 km gereden, dat moet wel gerealiseerd worden. Daarom komt er zeker na een paar honderd km nog een update met een hardere conclusie. In eerste instantie vooral tevreden over de rechterknie. Daar kon ik de pijn die ik met SPD ervaar niet voelen. De vrijheid die ik nu voel lijkt bij te dragen aan de pijnloosheid. De pijn met SPD is ws een peesje links in de knie. Geen pijn nu dus. Geen idee waardoor. Ben ik gewoon ontspannen of rijd ik te langzaam (waardoor te weinig druk op de pees), of ligt het aan het pedaal? In ieder geval een goed begin.
De linkerknie heeft als klacht tijdens het fietsen dat de pees linksonder (dus onder het kniegewricht, naast de knieholte) opgerekt voelt. Je kan er mee fietsen, maar je voelt de spanning langzaam toenemen. Gelukkig is mijn woon-werk niet ver….. Met de Look Quartz is de pijn wel minder (nogmaals het is een korte afstand geweest), maar niet weg. Ik verschuif onderweg wat op mijn zitting (geen verbetering) en bedenk opeens de tweede list. Namelijk een extra laagje ventisit onder de billen. Dit werktte bij Kali wel, maar bij Quali met SPD niet. Zou het misschien…. ja hoor. De zeurderige pees houdt na een paar honderd meter op met zeuren. Ik kan de rest doorrijden zonder pijn. Het kan de combinatie van een beetje scheef kunnen zitten (dikker kussen dus kan rechterbil meer in het kussen zakken) en meer uitzwaai mogelijkheid van het pedaal systeem zijn.
Nu heb ik wel geleerd bij de osteopaat dat pijnervaring niet alleen persoonlijk is maar ook tijd en plaatsgebonden om maar te zwijgen van de psyche. En meestal heeft pijn ook een signaal functie. Dus als het signaal uitblijft, moet het ook een tijdje duren voordat je beseft dat het er niet is. Zoals al eerder opgemerkt kan de ontspanning (even een ritje tussendoor) al heel veel uitmaken en het idee dat je bezig bent iets te verbeteren ook heel erg meespelen. Daarbij was dit midden op de dag, terwijl woon-werk over het algemeen ’s ochtends vroeg en ’s avonds is. We zullen dus zien of deze zachte euforie de komende kilometers door zal zetten. Deze post zal ik dan ook uitbreiden met de ervaringen. Zijn de ervaringen niet positief? Ach, dan proberen we toch gewoon weer iets anders.
Update 2:
woon-werk gedaan en daar zijn de pijntjes weer. Veel kouder en niet geheel te vergelijken, maar dus geen wonderbaarlijke genezing. Ik zag dat Time-Atac schoenplaatjes toch iets anders gevormd zijn, maar passen wel op Look Quartz pedalen. Misschien over een tijdje die proberen. Ik houd jullie op de hoogte.
Update 3:
Time Attack plaatjes zijn besteld. Ik hoop op meer speling dan de Look schoenplaatjes. Ik ben steeds meer overtuigd dat niet zozeer de pedalen bepalend zijn maar de houding van het lichaam. Ik zit nu scheef in de stoel en dat lijkt beter te helpen. Dus de oplossing is nog niet gevonden. Ik denk wel dat ik steeds iets dichter bij een mogelijke oplossing kom. Dat geeft de man moed en houdt me fietsende.
Update 4:
Nu een paar honderd km verder enige dip gehad. De knieën leken rond de meniscus gekneusd oid. Toch maar een afspraak met de Osteopaat gemaakt. Het lijkt dat ik kan fietsen met een andere houding in de fiets. Ideaal is anders, maar we ploeteren verder. De vraag die blijft. Helpen de Look pedalen de knieproblemen te verminderen? Dat antwoord is in mijn geval moeilijk te geven. Ik denk of een klein beetje of nauwelijks. Zou de TPD’s eigenlijk wel willen proberen…..
Update 5:
Goed, een bezoek aan de osteopaat doet me weer lekker fietsen. Het ligt zeker niet aan de pedalen, maar of zij de pijn verlichten weet ik niet. Doet er niet toe. Ze klikken makkelijk uit en zitten heel stabiel. Waar ik met SPD nog wel eens wilde lostrappen, lijken de Looks geen krimp te geven bij hobbels en dergelijke. De tip van de osteopaat is om een wigje tussen mijn rechterbil en de zitting te doen. Nu volgt een ingewikkeld technisch verhaal, die ik dus niet ga opschrijven, want niet relevant voor de Look geinteresseerden. Mijn voorlopige conclusie: Look zijn goede betrouwbare pedalen. De invloed op mijn knieklachten zijn moelijk vast te stellen. Ik hou ze er lekker op.
 Dit wordt een bericht voor een niche. Je zult geïnteresseerd zijn als je Linux gebruikt, de bestandsbeheerder Thunar en WordPress is een andere doelgroep. De vraag is dus: voor wie schrijf ik dit eigenlijk.
Het probleem begint dat ik graag afbeeldingen van 1024 bij 800 wil weergeven, maar mijn provider en Wordpress samen niet toelaten dat de plaatjes niet groter zijn dan 800 bij 600. Dat is soms te klein. Nu is het niet zo dat het niet kan, maar automatisch via Wordpress worden de thumbs niet aangemaakt (ik gebruik overigens de plugin NextGen Gallery). Lange tijd heb ik braaf de beperking geaccepteerd. Tot ik in een vlaag van opstand mijn plaatjes niet wilde verkleinen. Wat nu?
Google biedt natuurlijk uitkomst. Maar dat de oplossing zo dicht bij mijn systeem zou zitten had ik niet verwacht. Om plaatjes te verkleinen gebruik ik het commando mogrify, die je in het pakket ImageMagick kan vinden. Mogrify is een commando om via de terminal je foto’s te bewerken. De mogelijkheden zijn legio. Die zoek je zelf maar uit (ook omdat ik daar niet goed in ben, maar wel leuk om zelf uit te zoeken).
Om foto’s te verkleinen naar 1024 en een bepaalde hoogte ga je naar de directory waar je foto’s staan en opent daar een terminal. Let op: maak een extra setje foto’s in een andere directory zodat de originelen niet kwijt vernietigd worden. Tik nu in de terminal het volgende:
mogrify -resize 1024 *.jpg
Je zegt nu tegen mogrify dat alle jpg bestanden naar een formaat van 1024 breed en verhoudingsgewijze hoogte verandert moet worden. (let op als de bestanden *.JPG als extensie hebben moet je dat invullen, het is hoofdletter gevoelig)
Het volgende is vooral voor mijn Wordpress van belang. Maar bij grote hoeveelheden foto’s is het denk ik ook voor anderen zonder mijn geheugen probleem handig. Dan hoeft WordPress (of elk ander CMS) de thumbnails niet te genereren, wat meer tijd kost op een server als op jouw computer.
Je kopieert binnen de directory alle net verkleinde foto’s naar een directory met de naam thumbs. Dat kan met een bestandsmanager, maar ook natuurlijk in de terminal (wat jij wil):
mkdir thumbs
cp *.jpg ./thumbs
Binnen deze directory voeren we nu hetzelfde kunstje uit:
mogrify -resize 150 *.jpg
In mijn geval zijn de thumbnails 150 breed en willekeurig hoog, dus dat is mooi.
Nu het laatste probleem, wat vast ook met een terminal kan, maar die ik nog niet gevonden heb. Het leuke zou dan zijn dat een wizkid (not me) een scriptje schrijft die de 3 handelingen achter elkaar uitvoert….. Wordpress verwacht dat de thumbnails dezelfde naam hebben voorafgegaan door thumbs_. Zoekende naar een oplossing kwam ik terecht bij Thunar, de bestandsbeheerder van XFCE. Ga met Thunar naar de directory met de thumbs. Selecteer alle foto’s. Druk nu op F2 (of Edit, Rename). Voeg de tekst toe voor de naam van de afbeeldingen. Zie het plaatje voor een voorbeeld, die eea kan verduidelijken. Druk op OK en het wonder geschiedt.
Als je nu via je FTP programma upload naar je website, is het een kwestie van de directory toevoegen aan je nextgen-gallery (of wat je ook gebruikt) en het is gedaan.
Nogmaals, er is vast een simpeler manier. Die heb ik alleen nog niet gevonden. Kijk ook eens op http://www.imagemagick.org/Usage/ voor een compleet overzicht.
Voor wat basis commando’s in de terminal: http://nl.flossmanuals.net/Linux/BasicCommands
 Ten eerste was het gewoon leuk, ten tweede is het een test voor de knieën, ten derde stelt het qua afstanden niet veel voor, maar het is wel gewoon leuk.
Via een ingewikkelde loop van toevalligheden, ben ik vanmiddag met Stephan op zijn LARA naar het pontveer bij Buitenhuis gefietst, daar zeiden we elkaar vaarwel, ik zwaaide naar de pont die net wegvoer. 25 minuten later was ik toch over. Ed belde op om te zeggen dat hij vanuit Lisse al in Halfweg was. Dat betekende dat mijn 10 km en pont overtocht langer duurde als zijn 25 kilometer. :p Daarna langs een constante stroom verkeersregelaars voor een wielerwedstrijd die ik niet gezien heb naar Halfweg gefietst. Vlakbij de suikerfabriek Edwin begroet. En aangezien het een goede vriend is die ik te weinig zie, zochten wij een plek voor drinken, eten en tijd om te praten. Dat lukte uiteindelijk in Zwanenburg. Het praten ging vooral over de 2 velomobielen die buiten stonden te spoelen in de regen. Mijn vriendelijke conclusie: wit is besmettelijk kleurtje. Wassen Ed! Ach, welnee doe maar niet, hoef ik ook niet.
Later in de luwte van een pasgeverfde fabriek en rondom ons glassplinters, de remmen van Ed ingesmeerd. Alleen de binnenkant van de trommel niet bereikt (we wilden naar huis), dus die moet hij zelf maar thuis doen. Toch leuk om elkaar zo te helpen.
Terugweg wind mee en tipte ik regelmatig de 40 km/uur aan. Rustig aan, denk aan de knieën. Nee beter, houd rekening met de knieën. Dat denken verkrampt alleen maar.
Op de Zaanse Schans nog een intelligente Italiaanse: ah, reclinadas, hoorde ik. Snel mijn duim opgestoken. Veel gelach achter me. En een paar aziatische toeristen die niet verder dan Ah, Ah, kwamen. Geeft niet hoor, je kan niet alles kennen. Die nieuwe brug bij de Zaanse Schans is geweldig mooi daalwerk. Jammer dat de rotonde niet iets te vroeg is. Harder dan 49 durfde ik niet, om ik al vol in de remmen moest om die rotonde op te denderen.
Deze dag 47 km gefietst, wat zoals gezegd niet veel voorstelt als je andere bloggers bekijkt die vrolijk 120 km of andere getallen op een middagje fietsen. Kan me niet schelen, vandaag is het de overwinning van de knietjes, daar kan ik lekker van genieten.
 Inleiding
Het is wat. Heb ik net UNR op de netbook werkend met alle software die ik standaard erbij zet (skype, dropbox, de printer aansluiten), vind ik op Distrowatch een review over 3 op slackware gebaseerde distro’s, waaronder Salix OS. Salix OS komt bijzonder positief uit deze testsessie, dus trekt mijn aandacht. Waarom dan? Zul je misschien denken.
Slackware gebaseerde distributies zijn meestal dicht bij hun hoofddistro gebleven. De tools zijn of afwezig, of simpel en bijna allemaal zijn ze snel. Daarbij zijn de fora vriendelijk maar niet slijmerig of met veel hosanna. Ook de gebruikers zijn op hun manier dicht bij de hoofddistro gebleven. Verwacht niet altijd die vriendelijke altijd opnieuw vragende en uitleggende forumgebruikers. De gebruikers binnen deze distro’s zijn meer van het type “newbie? than read twice!”. Dat is niet vals of agressief bedoeld, het is een rechttoe antwoord op wat je uiteindelijk toch moet doen. Goed lezen, een goede vraag formuleren, voorbereid zijn, dan pas posten. Je bent hier om te leren toch? Als je daar niet tegen kunt, dan kun je beter iets anders proberen (Ubuntu of Pardus raad ik dan aan). Maar als je de schoonheid en zelfredzaamheid wilt ervaren binnen je distro zijn dit de distro’s om te downloaden.
Installeren
En dat deed ik dus. op het moment van installeren was de LIVE-installeerbare-cd nog niet helemaal klaar, dus de installatie-iso gedowned. In mijn geval Salix 13.002, wat gebaseerd is op Slackware versie 13. Bij het booten naar USB kom je direct de straightforward aanpak van Salix tegen. Met Unetbootin en bij reboot moet je tijdens de installatie ergens aangeven dat je een schijf installeert (en directory /salix gebruikt). Dit had toch ook wel automatisch gekund? Ja, maar dit werkt toch ook? Dus. Zie ook de FAQ.
Het installeren werkt via een ncurses blauwe beeldschermen. Als je al eerder iets met Slackware based distro’s hebt gewerkt is het een warm welkom. Anders denk je dat je in het stenen tijdperk bent gekomen. Voor de duidelijkheid deze review met screenshots van de installatie. Het werkt en het is aardig snel, daar gaat het om. De vragen bij de Salix installatie zijn rechttoe. Het partitie programmaaatje cfdisk kon mijn xfs partities niet wijzigen, wat gelukkig in mijn geval niet nodig was, na het afsluiten van dit partitie-programma gaat de installatie voorbereiding verder. Wijs de partitie aan die je wilt gebruiken voor /, swap wordt zelf gevonden, er wordt gevraagd of je Windows partities wilt laten mounten bij het opstarten, er worden geen keuzes gegeven welke programma’s je extra wilt installeren. En daar gaat het dan. De 540 Mb grote iso is in een 10 minuten geïnstalleerd (ik moet eerlijk zijn en vermelden dat ik problemen had met de USB-sticks die ik gebruikte, de iso moest opnieuw gedownload worden en er moesten een trits USB-sticks aan te pas komen, maar dat heeft meer iets met de kwaliteit van mijn aankopen te maken, dan met Salix OS). Er worden vragen gesteld over video en gebruikers en wachtwoorden aangemaakt. Dan kun je rebooten.
Nog iets. Lilo kon niet geïnstalleerd worden. Dat heeft met UNR te maken waar GRUB2 geïnstalleerd is. Die laat zich niet wegzetten door lilo. Geen probleem even zoeken geeft in het forum van Salix OS de oplossing.
Bij het opstarten ziet het er erg glimmend en stralend fris uit. GDM laat je inloggen. En je bent in ongeveer een minuut (niet verbijsterend snel) ingelogd. Bij mij waren er qua hardware geen problemen. Sorry, beetje saai, dat wel.
Nou de hotkeys voor volume doen het niet. Maar daar schijnt een oplossing voor te zijn. Het heeft iets te doen met het programma XHkeys, ben nog bezig dat aan de praat te krijgen.
En nog iets. Ik krijg BlueTooth niet aan de praat. Ligt vast aan mij, maar out of the box is het zeker niet.
Software
Erg handig is het icoontje in het multimedia menu die je de keuze geeft multimedia codecs te installeren. Na het invoeren van je root wachtwoord is dat klusje geklaard. De printer software CUPS is van goede recente printdrivers voorzien. Mijn Canon MP160 (vaak een uitdaging) is direct goed gevonden. Het klusje duurt nog geen minuut.
Is er dan nergens een uitdaging te vinden. Jawel. Mijn archief partitie wordt niet gevonden/meteen herkend. Dat zal ook wel met de XFS indeling te maken hebben. Dus het handwerk was nodig. Via het forum van Salix goede uitleg gekregen. Ik moest dus zelf mounten en de partitie toevoegen in fstab. Maar echt, met slackware is dat zo recht toe recht aan, dat het goed opletten (2 keer lezen), goed invullen is en iedereen kan dat klusje klaren. Het geeft ook een kik om dit zelf te doen. Ik weet nu wat er nodig is.
Een andere uitdaging lijkt dropbox te zijn. Maar het installeren gaat net zo makkelijk als onder Pardus.
Skype dan? Ja dat is wel een uidaging. Skype herkent helaas niet mijn ingebouwde microfoon, maar alleen de microfoon ingang. Skypen kan ik alleen met een headset. Maar ik ga dit verder uitzoeken. Wel is de installatie methode grappig. Je downloadt skype van slacky.eu. Je pakt dat bestand uit. Je verplaatst de bestanden naar root en zo worden ze in de juiste directory geplaatst. Je gaat naar het icoon in je menu et voila. Autostarten via de gebruikelijke XFCE-methode. Het klinkt natuurlijk simpel. In werkelijkheid is deze eeuwige beginneling uren bezig geweest de oplossing voor het microfoon gedeelte op te zoeken….. Ook grappig is dat Salix met OpenSuse de enige distro’s zijn die met de laatste versie van Skype om kunnen gaan. Andere distro’s tot nu toe konden dat niet en adviseerden 2.0 te gebruiken ipv deze 2.1
Aanpassen uiterlijk
Natuurlijk wordt het uiterlijk aangepast aan mijn kleine scherm van de netbook en persoonlijke smaak. Een hele kleine en aardige venstertitel gevonden, het paneel van XFCE op 23 px (kleiner is de tekst niet meer te lezen). Firefox voorzien van kleine icoontjes, add-ons als fission, compact menu 2, autohidestatusbar en later vast nog fireftp. Het systeem in het nederlands via de settings van XFCE, evenals via de handleiding op Salix Firefox en Openoffice. Aan het panel een weer plugin toegevoegd, batterijmeter, volumemeter en netwerkmonitor (wicd). Dan zijn we er wel zo’n beetje. Zie de plaatjes aan het eind van dit verhaal.
Conclusie
Je moet het maar willen. Meer tijd besteden aan je OS en minder tijdens een installatie krijgen. Toch weten veel Slack gebaseerde distro’s juist hiermee gebruikers te lokken. En daar is niets mis mee. Heeft Pardus en Ubuntu de neiging alles voor je te doen, waardoor je soms de controle (en de kennis) verliest. Salix OS weet mij weer dicht bij de root(s) terug te brengen. Binnen een paar dagen voelt mounten weer als mounten, mc weer vertrouwd, gslapt lekker simpel en reuze snel. En het idee dat je altijd een pakket voor je installatie hebt, namelijk de tarbal, is ook niet verkeerd.
Het forum is zoals ik hierboven beschreven. Maar ook vriendelijk netzoals ik gewend was/ben bij Vectorlinux.
Nog iets te zeuren? Ja, het viel me tegen dat Salix een minuut nodig heeft om op te starten. Misschien dat er nog gesleuteld kan worden aan opstartservices, maar veel zal dat niet schelen denk ik. Uiteindelijk voelt het systeem zelf solide en snel aan. En ik zou er geen verhaal over schrijven als ik niet tevreden was.
|
|